Als een paddestoelwolk plofte de volgende gedachte uit mijn hoofd toen ik eens een keer geboeid lag toe te kijken in een wei op een zonovergoten dag in het stralende Kleine Brogel.
GI-JOE , BARBIE & ACTION-MAN stonden voorop. Honden gromden. Prikkeldraad fonkelde in het zonlicht.
Meisje in battledress en close combats kwam op me toe.
Was ik gedropt? In een slechte kungfu, op een gabberfeest of in een derderangs vernietigingskamp?
Ik keek diep in haar bruine ogen.
Ze boeide mij –
"Doe het zacht", fluisterde ik –
"Jamaar, gij werkt nie mee, gij", zei ze.
"’t Zijn de zenuwen, ‘t zijn de zenuwen, ’t zijn de zenuwen. ‘k Zal hier vandaag zeker niet de enige met zenuwen zijn, zeker", zei ik.
"Ja, da’s waar."
Ik sloot mijn ogen en reconstrueerde hoe ik tijdens deze Kleine Brogheliaanse feesten, als een volleerd Von Münchhausen over de omheining was gevlogen. In één sprong realiseerde ik twee van mijn vurigste jongensdromen. In één wip zat ik én in het leger én in Amerika. Jaaaa, ik ben in Amerika geweest! Ík ben de ontdekker van Amerika. Er is geen enkele reden om ons ongerust te maken over Amerikaaa. Het is gewoon een lap grond in Limburg.